maandag 31 oktober 2011

Een samenvatting n.a.v. het overleg op 21/10

Migratieproblematiek was het idee! Nu zijn we van die vraag afgestapt omdat we hiermee niet geconfronteerd werden in Genk. 

Focus nu:
Mensen komen niet meer buiten tenzij voor datgene waarvoor ze zelf buiten moeten/willen zijn! Om hun behoefte te bevredigen. Als ik kijk naar mezelf en mijn omgeving --> In welke mate zijn studenten vandaag nog bereid om buiten te komen? Dit trek ik door naar de opdracht voor het vak labo. Ik ga nu even niet meer vanuit mijn pure behoefte naar buiten, niet meer rekenen in punten of voldoen aan verwachtingen. Maar wel omwille van dat waarmee we bezig zijn, waar ik voor wil gaan. En dat is een volkshuis ontwerpen in Genk, een uitdaging!

In het overleg werd de vraag gesteld: Wat is pedagoog zijn? Hoe wil ik dit invullen? Wat is de rol van de pedagoog in deze samenleving? In elke academische opleiding kan je niet buiten de conditie waarin je werkt. Je kan geen pedagoog zijn zonder je af te vragen wat een pedagoog nu eigenlijk is.

Ik ben de enige in de groep die niet voor pedagoog studeert. Zou dit in mijn nadeel kunnen spelen? Ik doel dan op mijn manier van denken... Educatieve Studies leunt echter sterk bij Pedagogie aan én ik ben ontzettend gemotiveerd om ervoor te gaan. Het kan natuurlijk geen kwaad de dingen wat meer vanuit een pedagogisch standpunt te bekijken... Misschien eens regelmatiger gedachten delen met mijn labo-collega's.

Wat biedt de Wire ons?
Het gaat erom om zichtbaar te maken wat al in het zicht is. Niet een bewustmaking van de betrokkenen omdat deze zich al bewust zijn van de situatie. Het is eerder ‘soft eyes’ tot stand brengen. Doordat Keema herhaaldelijk teruggaat naar de plaats van Crime kan ze dingen zien die er al waren maar die zij nog niet zag. Creëren van een experimenteel systeem. Er wordt geen echte oplossing geboden door alle oplossingen die er gegeven zijn.

We moeten zoeken naar een verschillende/ andere soort van vraag die vooraf zelfs niet overwogen werd. We kunnen niet anders dan van de migratieproblematiek afstappen en ons concentreren op de vraag van het buitenkomen. Op verschillende manieren werd dit al aangehaald. We hebben per persoon een hoop uren geobserveerd maar de vaststelling bleef: er is nergens volk! Er zijn veel initiatieven maar veel hiervan gaan niet door omdat er niet genoeg volk op af komt. Ons onbehagen is vertaald naar: mensen komen niet meer buiten. Dit kan vertaald worden als een vraag naar gemeenschap. Contact tussen wijken. Waar zou dit mee te maken kunnen hebben?

4 dingen werden aangegeven:
  1.           Rol van sociale media (virtualisering)
  2.           Ruimtelijke organisatie
  3.           De manieren van wonen (o.a. villa’s)/werken
  4.           Kwestie van de verzorgingsstaat: er is té veel aan mogelijke voorzieningen! Voor   elk probleem is wel een instelling aanwezig. Maar in veel van de initiatieven kunnen we ons de vraag stellen: voor wie zijn die er? Om de sociaal werkers aan het werk te houden? Compleet overaanbod.

Het ontbreekt in Genk aan plekken. Er zijn geen plekken waar een zekere confrontatie/wrijving mogelijk is. Plek als plaats waar iets gecommuniceerd kan worden, waar communicatie zich kan materialiseren. Een bepaalde functie een plaats toewijzen waardoor deze zo weinig mogelijk met iets anders geconfronteerd wordt. (Denk aan fietspaden: Waar een kruising is, gaat de één onder of boven iets anders of is er een rondpunt) We kunnen spreken over een netwerk dat van punt naar punt gaat. Geen plekken meer. Uiteengelegde, commerciële netwerken. Ze raken elkaar liefst zo weinig mogelijk. Als er plaatsen zijn waar een confrontatie zich kan afspelen/ waar een communicatie zich zou kunnen voordoen, dan worden ze opgekuist. Het is bijna onmogelijk om in Genk een materieel teken te vinden van ontmoetingen/confrontaties. Ze worden letterlijk uitgewist! Er is geen materialisatie van de confrontatie en geen nood om die confrontatie een plek te geven.

Het niet meer buiten komen als centraal thema:
Aanleiding om terug na te denken over het samenleven/ vormen van collectief wonen/werken/koken/tuinieren/feesten. Wanneer kom je écht buiten?

Verder nadenken over ‘wat is er in Genk aan de hand?’ via:
  • Het boekje van Hans Achterhuis: De markt van welzijn en geluk
     
    (-->  Verzorgingsstaat is manifest aanwezig.)
  •  Participatie survey over alle initiatieven 
  • Sennet: the conscious of the eye.(Organisatie van de stad en de rol van wijken hierin)
  • Design of social life of city’s. (New York: situatie waarin je villages hebt die op zichzelf bestaan en eigenheid hebben maar die villages zitten toch samen in een stad. Dus het geheel is iets anders als de delen.)
  • Zoeken naar manieren waarop we iets anders van Genk zouden kunnen horen. Genk op een anderen manier laten spreken. Rappers/migranten/ … hebben misschien toch iets anders te zeggen.
  • Isabelle Stengers: the cosmopolitical proposal (stem verlenen aan idioten, zij die niks gaan zeggen, die geen stem hebben)
  •  2 teksten vanuit labo:1) Experimentum scholae (Helpen nadenken over pedagoog zijn, poging om te definieren wa pedagoog zijn inhoudt)2) Emotie van experiment (S. Arens)
  •  Films kijken/ romans lezen ivm problematiek bv. Houllebecque: elementaire beeldjes (uiteenspatten van elementaire samenleving)
  • Teksten van David Nolens: kunst van het wachten. En teksten over kinderen, vriendschap, liefde,…

Geen opmerkingen:

Een reactie posten